sampai-jumpa.reismee.nl

Van Sumatra naar Bali

Op de terugweg naar Medan heeft de chauffeur het gelukkig goed gemaakt met Imm. Hij mocht én voorin zitten en zat daarmee tevens 1e rang bij het DVD-concert van Bryan Adams... Ook komen we tot de ontdekking dat hier standaard op iedere CD 'Love Hurts' van Nazareth staat. We moeten nog even onderzoeken waarom dat nou precies is.

In Medan hebben we de tickets opgehaald naar Bali en toen we uiteindelijk weer bij Mevrouw Agnes aankwamen stond het eten al klaar. Ze had speciaal voor ons Gado Gado met saté ajam gemaakt, maar daaromheen stonden gelukkig nog 6 bordjes met allerlei lekker gerechten. We mochten pas van tafel als alle bordjes netjes leeg waren gegeten.

Ditmaal helpen wij een jonkie uit Nieuw Zeeland naar Bukit Lawang en gaan we vroeg naar bed om ons voor te bereiden op Bali.

De vlucht naar Denpasar (Bali) gaat via Jakarta en verloopt prima. Bij aankomst staan Ray, May en hun vriend Madé (mooie combinatie) al op ons te wachten. De bagage komt snel door, maar de band is ook zo weer leeg en mijn rugzak heb ik nog niet langs zien komen

Undecided
. Dit blijkt wel vaker in Indonesië voor te komen en volgens Madé (local) hoef ik me geen zorgen te maken.

Neef Ray en zijn vriendinnetje verblijven 3 weken op Bali en heben voor ons een kamer geboekt in een iets te luxe resort op Leguan Beach en wist deze ook nog te upgraden naar een bungalow. Toen we uiteindelijk gingen inchecken bleken de 'gewone' bungalows toch niet meer beschikbaar en moesten we voor straf in een extra luxe villa met privé zwembad en Jaccuzi, wat wel weer goed uitkwam aangezien mijn bikini nog ergens onderweg was

Wink
. We zijn alles dan ook maar direct gaan uitproberen en aangezien we nu toch zo luxe zitten hebben we ook de minibar maar gelijk geplunderd.

De 2 dagen daarna staan in het teken van strand, relaxen en genieten van de luxe. We laten ons verwennen met massages (door 6 handen tegelijk), de nageltjes worden netjes gelakt, voetjes verwend, we kleuren weer een beetje bij, maken een plan voor Bali en Java en hebben een hoop lol met de locale vrienden van Ray en May. O.a. met Hans (!) de locale één-armige ijsverkoper waarvan we in één keer zijn hele bak met ijsjes leeg hebben gekocht (12 stuks) en zich helemaal geen raad meer wist toen we hem één van zijn eigen ijsjes aanboden (aangezien ijs voor veel mensen gewoon te duur is). Hij had een uur nodig om op ons strandbedje bij te komen en besloot uiteindelijk dat hij vandaag een vroegertje had.

Lake Toba

Muziek variërend van een Engelstalige Edith Piaf, de engelse versie van 'Ritme van de regen' van Rob de Nijs (origineel volgens mij van de Everly Brothers), 'Love hurts' van Nazareth en 'Du bist alles' van Andreas Martin (Ritsie...jij had je zeker vermaakt...!!). En dat dan vijf keer achter elkaar. Das ongeveer de strekking van de rit met een minibus van Medan naar Lake Toba. En wanneer er dan eindelijk een ander cassettebandje opgaat en we verrast worden door een sort of Celine Dion is dat zelfs voor ons net iets teveel van het goede. Terwijl ik toch al haar LP's heb....

Wij zitten achterin opgevouwen tussen de bagage en de 4 Frambozen voorin zijn in eerste instantie ook niet in hun hum omdat wij alle extra ruimte innemen envervolgens niet omdat Edith Piaf wordt aangerand. Later blijken ze erg vriendelijk en hebben ze behoorlijk veel reistips voor ons en delen we koekjes en snoepjes met elkaar.

Lake Toba is een perfecte plek om een beetje rond te hangen. In het meer ligt Samosir, een eiland van ruim 600 vierkante kilometer. En daaraan vast ligt Tuk Tuk Island, what's in a name. En daar wonen we op dit moment.

Voor de mensen die het ontstaan van Lake Toba willen achterhalen is hier een link. Het heeft namelijk bijzonder veel met jullie bestaan te maken

Laughing
http://en.wikipedia.org/wiki/Toba_catastrophe_theory

Een beetje rondhangen wil zoveel zeggen als dat we de eerste dag een rondje over Tuk Tuk hebben gelopen. Das normaal gesproken in een uurtje goed te doen maar nu werden we elke 100 meter aangesproken door groepjes high-school leerlingen die op een dagtocht waren met het doel toeristen aan te spreken om zo hun Engels te oefenen. 1 of twee keer is dat best leuk maar na 4 of 5 keer worden we er een beetje melig van. Wel leuk is dat Barb er waarschijnlijk een nieuwe penvriendin aan heeft overgehouden. Ira woont ergens in de buurt van Medan en heeft inmiddels al een keer of 4 een sms gestuurd.

Gisteren hebben we een brommertje gehuurd met het plan om een rondje Samosir te doen. Goeie asfaltwegen boden daar een uitgelezen mogelijkheid voor en de omgeving is erg mooi. Authentieke Batakhuizen van de lokale bevolking zijn rijkelijk versierd en in de rijstvelden staan mini-versies van deze huisjes waarin voorouders begraven liggen. We zien mensen graan oogsten, karbouwen (groot soort koe) langs de kant van de weg en zwemmende kindjes in een rivier. Na anderhalf uur tuffen hebben we een glaassie mangosap gedronken bij een Hotspring. De mensen schijnen nogal trots te zijn op de hotsprings hier maar wij begrijpen volstrekt niet waarom. Overal ligt rommel en de restaurantjes zijn behoorlijk smoezelig.

Op de terugweg kwamen we op het lumineuze idee om het rondje om het eiland af te maken, aangezien we volgens de kaart bijna op de helft waren en we hadden toch nog de hele middag voor ons. Dat hebben we geweten.
Na ruim 3 uur rijden hadden we het idee dat we nu toch wel bijna weer in de buurt van Tuk Tuk moesten zijn. Bij navraag werd ons verteld dat we daarvoor nog zeker 3 uur moesten rijden. Nu leek ons dat heel erg sterk omdat de eerste helft toch wel erg soepel was verlopen. Maar in de tussentijd is het landschap veranderd van een strakke asfalt weg met hier en daar een gat, naar alleen maar gaten met zo nu en dan een stukje asfalt. De omgeving wordt echter wel steeds indrukwekkender met groene rijstplateaus op flinke heuvels.

Overal waar we rijden worden we bijzonder vrolijk verwelkomt door kindjes ('hello mister, how are you?') die het maar speciaal vinden dat twee van die Blanda's door het dorp rijden. Misschien had ons dat al aan het denken moeten zetten.

Gelukkig begint het ook te regenen en hoef ik in elk geval niet meer bang te zijn dat mijn benen nog meer verbranden dan ze nu al zijn. Wat volgde was een twee uur durende tocht van 40 km over diverse bergen van ruim 700 meter hoog op onverharde weggetjes, voornamelijk bestaande uit rotsen en gravel. Het uitzicht op de rijstvelden worden wel telkens mooier, heuvelachtiger en gekleurder. De laatste anderhalf uur rijden we in het donker naar beneden. En donker betekent in Indonesië dan ook echt donker, en niet zoals in Nederland hooguit dat het licht niet aan is. Pikdonker dus...

Uiteindelijk komen we om 8 uur in het hotel aan terwijl we eigenlijk van plan waren een paar uurtjes over het eiland te brommeren. Onze winst was wel dat we verschrikkelijk genoten hebben van de omgeving en dat de mensen die we overal zijn tegengekomen bijzonder vriendelijk waren waardoor we ons geen twee tellen ongemakkelijk hebben gevoeld. We hebben een stuk van het binnenland gezien waar je eigenlijk nooit komt. Wat dus te merken was aan de reacties van de mensen. Heel bijzonder...

Na 3 dagen op Lake Toba te hebben doorgebracht gaan we morgen weer terug naar Medan en eten en slapen we weer bij mevrouw Agnes. Woensdag stappen we dan op het vliegtuig richting Bali waar we Barb der neef Ray en zijn vriendinnetje May gaan lastigvallen.Want hetwordtna al deze enerverende avonturen weer even tijd om wat te relaxen op het strand

Cool

van Pulau Weh naar Bukit Lawang

Zoo...inmiddels een paar dagen verder en zowaar al anderhalve week op pad. Op Pulau Weh hebben we echt heel weinig uitgevoerd. Laat uit bed en in mijn geval ook laat slapen want ik heb behoorlijk last gehad van het tijdsverschil...daarna een beetje snorkelen...bedenken wat je nu weer voor ontbijt zal gaan nemen (bananenpannenkoeken of french toast) en vervolgens is het al weer bijna avond en moet je gaan bedenken waar we zullen gaan eten. Wat eigenlijk niets uitmaakt want er zijn maar 3 restaurantjes aan het strand en die hebben letterlijk dezelfde menukaart.

Het snorkelen is hier wel erg briljant. Je loopt hier het water in...zet je snorkel op en neemt een duik... En dan lig je per direct tussen een koraalrif waar je al de meest gekleurde vissen tegenkomt. En daar dobber je dan een uurtje tussen. De schildpadden die in de baai moeten zitten hebben we helaas niet gezien. Maar in elk geval genoeg reden om de eerstvolgende week meteen de snorkels uit de tas te pakken.

Tussen de bedrijven (snorkelen en niets doen) door bietsen we bij een klein mevrouwtje 1 of twee van haar zelfgebakken donuts of andere Indische lekkernijen. Ze loopt de hele dag over het strand met haar Tupperware mand. Zal ze wel tijdens zo´n party hebben gekocht...

Ik heb zelfs nog 1000 Rupiahs gewonnen. Die zat verstopt in een doppinda (serejeus). Voor de mensen die willen kijken of ik voortaan alle Chouffe betaal in de kroeg...check op Google de wisselkoers maar even...

Na een paar dagen zo te hebben doorgebracht hebben we bedacht dat onze volgende bestemming Lake Toba gaat worden. Dan kunnen we daar verder gaan met een beetje uitrusten zodat we daarna echt kunnen gaan beginnen met het uitvoeren van activiteiten... :-)

De eigenaresse van LumbaLumba verklaarde ons voor gek dat we de bus van Banda Aceh naar Medan wilde pakken. Een ritje van 15 uur. Ze gaf aan dat vliegen ongeveer 50 minuutjes duurt en niet heel veel duurder is. Nu weten wij natuurlijk ook dat milieutechnisch, vliegen niet het meest verantwoord is. Maar 15 uur in een nachtbus is ook heel slecht voor de inwendige gemoedstoestand.

En dus hebben we ons om een uur of 7 laten oppikken door een taxi die ons naar de Ferry ging brengen.

Bij de ferry zijn we nog een raar mannetje tegengekomen die het Wilhelmus begin te zingen zodra hij erachter kwam dat we uit Nederland kwamen (ahhhh Blanda's dus). Nu wil overigens íedereen weten waar we vandaan komen dus dat zijn we inmiddels een beetje gewend. Daarna vroeg hij of we misschien een pen voor hem hadden. Gelukkig hebben we uit Nederland een heel etui met pennen meegenomen en hem daar een dikke oranje EK-pen uit gegeven. Het leek alsof hij nog nooit zo blij was geweest. Als dank kreeg ik van hem een opvouwbaar schaartje. Ook heel erg handig.

In Medan aangekomen begint eigenlijk voor het eerst het gelazer vlak buiten de luchthaven. Ons Guesthouse is ongeveer 1 kilometer lopen wat dus best te doen is, ook bij 30 graden. Echter want maar dus willen de Becakdrivers liever niet dat je gaat lopen. Een becak is een driewielbrommer met een overkapping waar je net met ze 2-en in zou kunnen zitten. Die gasten blijven je gewoon volgen tot ze je ergens heen kunnen brengen. Best handig. Maar niet als ze daar drie keer zoveel geld voor vragen dan jij wilt betalen. Dus dan begint het gepingel om enkele dubbeltjes. Uiteindelijk houden we dan ons poot stijf en gaan we toch lopend onderweg. Om vervolgens voor de derde keer te worden tegengehouden door iemand die ons wel voor 10.000 Rupiah (€0,70) wil brengen. We zijn er inmiddels achter dat we practisch over de weg moeten lopen om ergens aan te komen en gaan dan ook maar in op zijn voorstel. Daarvoor moet hij wel zijn halve becak uit elkaar schroeven omdat onze tassen ook mee moeten. 5 minuten later zijn we in Guesthouse JJ's.

En dat is leuk...!!! Guesthouse JJ's is namelijk van Mevrouw Agnes. En die lijkt een beetje op Barb haar omaatje. We worden dan ook meteen aan de thee gezet en er is geregeld dat we mee kunnen eten. Dat worden dus lekkere Indische hapjes!

In de hal zit al een ander Nederlands stel dat ook net is aangekomen en bij het eten schuiven nog een Duitser en een Slowaaks stel aan. Uiteindelijk wordt het een grote internationaal gezelschap en wisselen we tips & trics uit over alle locaties waar wij nog heen willen en zij al zijn geweest. De Slowaken blijken de volgende dag richting het Nationaal Park (NP) in Bukit Lawang te gaan om orang-oetangs te gaan kijken.

Omdat het ons feitelijk niets uitmaakt waar we eerst heengaan hebben we bedacht dat we onze volgorde even omgooien. Het Slowaakse stel is namelijk erg leuk en op die manier kunnen we een taxi delen en dat scheelt toch snel weer een paar tientjes...

We vertrekken de volgende ochtend om een uur of 11 richting Bukit Lawang. 3 uur hobbelen later komen we daar aan en zijn we precies op tijd voor de middagvoedering. Je kunt in dit NP verschillende dagtochten maken met een gids. Iedereen die je tegenkomt zal ook proberen je over te halen om langer te blijven en voor 2 of 3 dagen het regenwoud in te gaan. Zo kun je de orang-oetangs echt in het wild bekijken.

Wij zijn echter niet uitgerust met afdoende schoeisel en kleding om langer het park in te gaan. Bovendien klinkt 2 dagen van een uur of 6 lopen in de strengende hitte (en het is hier warm) en over blubber paadjes ons nog niet zo aantrekkelijk, dus besluiten we het vooralsnog even bij een middag te houden.

Om bij de voederplaats te komen lopen we eerst 20 minuten langs de rivier. Daar wachten de medewerkers van het park ons op met een kano die aan een kabel boven de rivier is vastgemaakt. Er staat behoorlijk wat stroming en zo kunnen we niet afdrijven. Aan de overkant is het ongeveer nog een kilometer het regenwoud in voordat we bij het voederplatform zijn. En daar zien we al snel een volwassen mannetje door de bomen aankomen. Het is echt onwerkelijk om van een paar meter afstand zo'n grote aap te zien.

De apen die naar de voederplek komen zijn voor het overgrote deel semi-wilde apen. Ze zijn door mensen als huisdier gehouden of in het regenwoud gevonden. Na een lange periode waarin ze wordt geleerd hoe ze moeten overleven in de jungle worden ze in Bukit Lawang uitgezet. De eerstkomende tijd daarna krijgen met name de vrouwtjes en de kleinere apen bijvoeding, bestaande uit bananen en melk.

Uiteindelijk zien we slechts 2 apen. Een mannetje en een vrouwtje maar feitelijk waren we al heel blij dat we maar met ons 4-en stonden te kijken en niet in een groep van 20 mensen.. Als we later terug zijn bij de rivier zien we in de bomen ook nog een moeder met een jong van anderhalf.

We beëindigen de dag met een paar flessies bier en wat hapjes en gaan daarna vroeg te bed..Tussendoor komen we erachter dat we inmiddels ongevraagd een gids hebben gescoord. Die loopt gewoon mee zodra je je hotel uitloopt en aan het einde van de dag komt ie doodleuk even om €10 vragen. Eigenlijk waren we achteraf best blij met zijn aanwezigheid omdat het op de terugweg behoorlijk donker was.

Morgen vertrekken we om kwart voor 6 (!) weer samen met de Slowaken (en de chauffeur die op ons heeft gewacht) terug naar Medan.

We gaan nog niet naar huis...

25 uur, 3 vluchten, 2 bussen, een ferry en taxi verder en we zitten op het heerlijkste plekje van Indonesië (tenminste dat denken we nu, want meer hebben we nog niet gezien

Laughing
.

Onze reis is prima verlopen, wat een super service bij Singapore Airlines (jammer van die huilbaby). Bij aankomst in Singapore werden we uit de rij geplukt, in een golfkarretje gepropt en met een jezusvaart naar de aerotrain gebracht die bij de juiste vertrekhal uitkwam, onze vlucht naar Kuala Lumpur zou binnen 45 min vertrekken. Als dat maar goed gaat met de bagage.

Bij aankomst in Kuala Lumpur kwamen we er gelukkig tijdig achter dat onze vlucht naar Bandah Aceh vanaf een andere luchthaven, 20km verderop vertrok. Dus zijn we voor €0,30 p/p in een minibusje gesprongen die ons netjes voor de deur van de andere luchthaven af heeft gezet.

Bij AirAsia doen ze wel wat moeilijker over overgewicht. We hadden vorige maand ieder 15kg ingecheckt maar toen we aan het inpakken sloegen kwamen we stiekem toch iets zwaarder uit. We moesten € 30,- bijbetalen en dat was bijna evenveel als wat de tickets gekost hadden (leermomentje

Undecided
)

In Bandah Aceh werden we opgewacht door zingende en dansende kindjes in klederdracht en een miljoen taxichauffeurs, die dolgraag onze tas van de band wilden halen en ons weg wilden brengen. Niets nieuws onder de zon maar wel weer effe wennen, net als die mannen die me ongegeneerd aan blijven staren en van boven tot onder opnemen, de veelheid aan beestjes in en om ons slaaphutje, de ultra schone toiletten en dat het heel normaal is dat iedereen hier alles maar op de grond of in het water smijt.

Maar goed ... we hebben er maar 1 mannetje tussenuit gepikt die ons weg mocht brengen naar de haven in Ulee Lheue als hij wel eerst langs de bank zou rijden (want de ATM op het ieniemienie-luchthaventje was kapot en zonder centjes ook geen geld voor onze chauffeur). Op de luchthaven had Imm al een Zwitser gespot met een t-shirt aan van de plek waar we naartoe onderweg waren. Met hem hebben we een taxi gedeeld.

Vanuit Ulee Lheue vertrekken (langzame en snelle) ferries naar Pulau Weh. We wisten niet helemaal zeker of de langzame ferry van 14.00 uur nog wel bestond en waren er eigenlijk al vanuit gegaan dat we 2 uur in de haven zouden moeten wachten op de snelle ferry. Maar tot onze verbazing stond bij aankomst de ferry klaar voor vertrek en werd de laadklep al opgehaald. We konden er nog net opspringen, moesten over een berg met brommertjes klimmen en we werden door de bemanning met onze bagage op het dek gehezen. De ferry is afgeladen met auto's die tot 3 meter boven het dak zijn volgebouwd met flessen en zakken met van alles en nog wat en er is geen leeg plekje meer te bekennen alles in volgebouwd met brommertjes (en dat terwijl Wim ons nog zo gewaarschuwd had om niet met overvolle boten mee te gaan, oeps sorries!)

Nu pas hebben we door hoe warm het eigenlijk is en dat we inmiddels toch wel een beetje moe aan het worden zijn. We halen wat te drinken en kletsen een beetje met de Zwitser en een Italiaans stel die inmiddels ook bij ons aangeschoven is en zo komen we de 2 uur wel door. Nog voordat we de haven van Sabang in varen wordt ons alweer een ritje aangeboden naar Gapang, met alle liefde helpen ze ons om onze bagage van boord te krijgen en de tassen worden netjes op het dak gebonden. Onderweg stoppen we nog even om wat water en fruit te kopen en komen we aapjes tegen die langs de kant van de weg zitten. We worden netjes bij ons hutje aan het strand afgezet en nemen afscheid van de Zwitser en de Italianen, want zij gaan naar een strandje verderop.

Normaal gesproken worden de Lumba Lumba hutjes alleen verhuurd in combinatie met een duikarrangement (zie: http://www.lumbalumba.com/)maar Imm heeft de eigenaresse omgekocht met stroopwafels en roddelbladen. Het is een heel rustig eiland van 153 m³ en hier in Gapang kun je de toeristen op 2 handen tellen. Langs de kust komen we nog wat overblijfselen van de Tsunami tegen maar er is ook alweer een deel opgebouwd. In de baai voor de deur van onze hutjes ligt een koraalrif en er moeten 3 schildpadden rondzwerven. Dat lijkt ons een mooi projectje voor de komende dagen.

We drinken een biertje en eten een fijn indisch hapje van teenentander en duiken de komende 15 uur ons bed in om eens wat bij te snurken. Zo af en toe valt het stroom uit en komt er een pittig buitje langs maar met deze temperaturen (graadje of 30) is dat alleen maar heel erg verkoelend. De aankomende dagen doen we hier niet meer dan relaxen, beetje snorkelen, eens kijken waar we hierna naartoe gaan, gebakken banaantje hier, bordje nasi daar ... en spannender zal het niet worden.

Als we weer in actie komen dan laten we het jullie weten.

Sampai Jumpa

Cool
,

Imm & Barb

PS: Iedereen nog enorm bedankt voor alle lieve mailtjes, smsjes, kaartjes, kadootjes, proviand, etc. en natuurlijk de uitzwaaicommissie!